Onderzoeksresultaat

Jonge Vlaamse kinderen gamen gemiddeld 40 minuten per dag

De iMinds onderzoeksgroep voor Media en ICT (MICT) van de Universiteit Gent deed uitgebreid onderzoek naar het digitale gamegebruik bij jonge kinderen (tussen 3 en 10 jaar) in 2013-2014. Een enquête bij 9.815 ouders toont aan dat kinderen binnen die leeftijdscategorie alsmaar meer gamen – gemiddeld 40 minuten per dag. Ouders blijken bovendien nood te hebben aan een game-omgeving waarin ze hun kinderen kunnen ondersteunen.

Oud gedaan, jong geleerd?

Uit de onderzoeksresultaten blijkt dat 82% van de kinderen tussen 3 en 10 jaar tenminste één keer per week gamet. Van de driejarigen gamet 24% dagelijks en 14% nooit. Het percentage kinderen dat dagelijks gamet, stijgt naarmate ze ouder worden – waarbij 63% van de 10-jarigen dagelijks gamet.

Gemiddeld spelen kinderen zo’n 40 minuten per dag en dit neemt toe met de leeftijd, van 21 minuten per dag bij de jongste kinderen tot 74 minuten per dag bij de oudsten. Bovendien gamen jongens gemiddeld langer dan meisjes, net als kinderen van laag-opgeleide ouders en die uit grote gezinnen.

Gamegedrag in goede banen leiden 

Uit ons onderzoek blijkt dat ouders vooral bezig zijn met het in de gaten houden van welke games het kind speelt en of ze wel geschikt zijn,” legt Professor Jan Van Looy van iMinds - MICT - UGent uit. “Het actief bediscussiëren van games gebeurt minder. Daarnaast tonen de resultaten ook aan dat laagopgeleide ouders vaker samen gamen met hun kind dan hoogopgeleiden."


Als ouders het gamegedrag van hun kinderen begeleiden, zij het door regels naar voren te schuiven of door actief te participeren, komt er minder problematisch gamegedrag voor. Bovendien is het erg belangrijk hoe de begeleiding gebeurt. Wanneer ouders hun kind straffen omdat het toch een niet-toegelaten game speelt, zal dit minder effectief zijn dan wanneer ze uitleggen waarom ze een game verbieden.

“Ouders die een negatievere houding hebben tegenover games zijn meer geneigd om op een controlerende manier op te treden. En dit is net wat zorgt voor negatieve effecten. Ouders die een positiever en genuanceerder beeld hebben over games, gebruiken eerder een ondersteunende stijl. Op die manier kunnen ze hun kind ook op een betere manier begeleiden bij het spelen van digitale games,” besluit Professor Van Looy.

Ouders vinden het educatieve aspect van games belangrijk

“Uit deze studie kwam duidelijk naar voren dat ouders het educatieve aspect van games zeer belangrijk vinden,” geeft Trees De Bruyne aan, projectleider van Wanagogo. “Een onderzoeksresultaat waarmee we bij het ontwerpen van Wanagogo rekening hebben gehouden. Via WanagogoBoss, de ouderapp, kunnen ouders de vorderingen van hun kinderen in de 3D-wereld opvolgen en bekijken welke vaardigheden ze tijdens het spelen ontwikkelden.”

Meer weten?

Dit onderzoek werd uitgevoerd in het kader van het iMinds Media ‘RAGASI-project’. De RAGASI-partners onderzochten hoe de kwaliteit van online 3D game-omgevingen voor kinderen gegarandeerd en verbeterd kan worden; er werd daarbij ook heel wat aandacht besteed aan gamegedrag en ouderlijke controle. Het RAGASI-project stond in functie van de uitbouw van Wanagogo, een digitaal platform voor kinderen gelanceerd door Studio 100.


Het volledige persbericht waarop dit artikel gebaseerd is, vind je hier.

Werken mee aan dit initiatief

Thema: media